U bent hier

CORONAVIRUS - De toestand in Oostenrijk

1. Algemene toestand

De longziekte COVID-19, veroorzaakt door het SARS-CoV-2 virus, houdt ook lelijk huis in Oostenrijk, zij het niet zo dramatisch als in buurland Italië. Oostenrijk telt, na  815.000 testen, 20.000 besmettingen waarvan de meesten in Tirol dat uitgroeide tot de coronahotspot. Oostenrijk betreurt 700 doden, waarvan de meesten in Wenen en Steiermark. Per 22/07 waren 111 personen gehospitaliseerd, waarvan slechts 20 op intensieve zorg. Het aantal dagelijkse bijkomende besmettingen zakte sinds 17/04 onder de kaap van 100 en sinds mei zelfs onder 50, wat aantoont dat Oostenrijk er goed in slaagde om de uitbreiding van het virus onder controle te krijgen. Derhalve is het niet verwonderlijk dat Oostenrijk, als eerste land, op 6 april 2020 uitpakte met een exit strategie, t.t.z. met een geleidelijke heropstart in verschillende stappen (per 16/04, 1/05, 15/05 en 29/05). Verschillende sectoren werden voorzichtig heropgestart en op 24/06 werden verdere versoepelingen voor de sport- en events-sectoren aangekondigd.

De Oostenrijkse Regering nam al midden maart een hele batterij economische noodmaatregelen, die niet konden verhinderen dat er begin april 2020 ca. 200.000 werklozen bijkwamen. Op het hoogtepunt van de crisis (midden april) telde Oostenrijk ca. 590.000 werklozen, dat aantal daalde ondertussen onder de psychologische grens van 500.000 en schommelt einde juli rond 450.000. Het aantal mensen in 'Kurzarbeit', het Oostenrijkse equivalent van technische werkloosheid, zakte van 1,4 miljoen (piek) onder 900.000 mensen (einde juni) tot ca. 850.000 einde juli. De coronacrisis zal, hoe dan ook, een enorm zware impact op de Oostenrijkse economie hebben in 2020, waarbij het reële bbp zal krimpen met 7% tot 9% en waarbij sommigen vrezen voor een golf van faillissementen in herfst. Nadien zou er in 2021 een economisch inhaalmanoeuvre zijn, tenminste als men er in slaagt om een tweede besmettingsgolf in najaar 2020 te voorkomen.

2. Voorzorgsmaatregelen

In de week van 9 tot 13 maart 2020 nam de Oostenrijkse regering een eerste reeks strenge maatregelen, waaronder een inreisverbod van personen uit Italië (tenzij met medisch attest) en een verbod op grote bijeenkomsten (binnenshuis: meer dan 100 personen; buitenshuis: meer dan 500 personen). Toen dat onvoldoende bleek, trof Oostenrijk midden maart 2020 drastischere maatregelen:

a) De buitengrenzen met buurlanden Italië en Zwitserland werden gesloten (later zou ook de grens met Tsjechië, Slovakije en Duitsland dicht gaan, op initiatief van die landen); de luchtvaartmaatschappij Austrian Airlines schortte per 19/03 alle vluchten op, repatriëringen uitgezonderd; het goederenverkeer met/via die landen is, in principe, wel nog steeds mogelijk, al dient men bij sommige grensovergangen (bv. Hongarije) rekening te houden met lange wachttijden. 

b) Tot slot, ging het hele land per 16/03/2020 in een lockdown ‘light’ of, zoals kanselier Kurz het uitdrukte, Oostenrijk ging in ‘Minimalbetrieb’:

  • Scholen en universiteiten gingen dicht en voorzagen in e-learning i.p.v. onderricht in klaslokalen en aula’s; de universiteiten gaan pas terug open in september 2020; de scholen gaan open vanaf einde mei, eerst voor het laatste jaar nadien voor alle andere studiejaren.
  • Bedrijven werden aangemoedigd om hun medewerkers zoveel mogelijk te laten werken van thuis uit, via ‘home office’; enkel gezondheidspersoneel en werknemers uit cruciale sectoren (zoals apotheken, food retail, nutsbedrijven en het openbaar vervoer) mochten zich nog verplaatsen naar hun werk, alle anderen moeten werken van thuis uit.
  • Inperking bewegingsvrijheid: enkel noodzakelijke verplaatsingen, t.t.z. voor aankoop van voeding en geneesmiddelen en beweging voor de gezondheid (enkel in gezinsverband of met max. 1 persoon, steeds met min. 1 meter afstand) werden toegestaan tot einde april.
  • Op 18/03 werd het Bundesland Tirol, dat uitgegroeide tot de coronahotspot in Oostenrijk, onder quarantaine geplaatst (in totaal 279 gemeenten) tot midden april. De quarantaine werd later opgeheven (eind april).
  • Bars, restaurants en koffiehuizen mochten initieel (per 15/03) nog beperkt open blijven tot 15u, maar twee weken later kwam een algemeen openingsverbod. Ook de hotels en alle musea en theaters gingen verplicht dicht en blijven nog tot de zomer dicht. De horecasector mocht ondertussen heropenen per 15/05.
  • Dragen van neus-mondmaskers is sinds 4/04 verplicht bij winkelen in grootwarenhuis; het dragen van MNS-maskers werd vanaf Paasmaandag 13/04/2020 ook verplicht bij het gebruik van openbaar vervoer (bus, tram, metro).
  • Verbod op grotere samenkomsten (binnenshuis: max. 100; buitenshuis: max. 500), wat vooral de culturele sector treft, wordt verlengd tot minimum einde juni 2020.
  • Op 21 juli werd aangekondigd dat het gebruik van mondmaskers opnieuw wordt verstrengd vanaf vrijdag 24 juli: het dragen van een mondmasker wordt opnieuw verplicht in winkels & warenhuizen alsook in bank- & postkantoren, uiteraard naast openbaar vervoer (waar het altijd verplicht was). Reden zijn de stijgende dagelijkse besmettingen die sinds begin juli 2020 opnieuw schommelen rond 100 per dag. 

3. Exitstrategie

In West-Europa was Oostenrijk een van de eerste landen dat uitpakte met een exit-strategie, inclusief een gedetailleerd stappenplan. De Oostenrijkse regering gaf al op 6/04/2020 een persconferentie, met twee belangrijke boodschappen. Vooreerst hamerde kanselier Kurz op de noodzaak om de strenge maatregelen (waaronder beperkte bewegingsvrijheid) aan te houden t.e.m. 30 april 2020. Echter, kanselier Kurz schetste ook een road map voor een exit uit de strenge Covid-19 gerelateerde maatregelen, maar enkel als de goede cijfers en trends aanhouden:

  • Vanaf 14/04: opening kleine (minder dan 400 m2) winkels en alle bouw- & tuincentra.
  • Vanaf 1/05: opening van alle handelszaken, incl. kleinere winkels in inkoopcentra en ook kappers en schoonheidssalons.
  • Vanaf 1/05: de uitgangsbeperkingen, die van kracht waren sinds 16/03, gelden niet meer, m.a.w. mensen kunnen opnieuw naar buiten om te gaan werken of te gaan winkelen (t.t.z. niet enkel voor levensmiddelen); vanaf 1 mei zijn samenkomsten tot 10 personen (buiten gezinsverband) opnieuw toegelaten. De algemene regel van minimum afstand (min. 1m) blijft van kracht vanaf 1 mei 2020 alsook het dragen van mondmaskers in winkels en openbaar vervoer.
  • Vanaf 15/05: opening van de gastronomie, t.t.z. van bars, koffiehuizen en restaurants.
  • Vanaf 29/05: opening van de binnenlandse toeristische sector, t.t.z. van pensions en hotels (voor overnachtingen) alsook van 'vrije tijd' locaties zoals openbare zwembaden, fitness centra of pretparken. De versoepeling werd positief onthaald in de toeristische regio's (Kärnten, Salzburg, Tirol), waar men zich verheugt op toeristen zowel uit het binnenland als het buitenland (vanaf 15 juni). De versoepeling maakte weinig indruk op de hotels in Wenen omdat ze erg afhangen van de buitenlandse toeristen, die voorlopig wegblijven. Ongeveer de helft van de hotels in Wenen kondigde aan dat ze dicht zullen blijven omdat het economisch niet rendabel is om te openen bij een bezettingsgraad van 30-40% (in Wenen lag de gemiddelde bezettingsgraad steevast rond 80% of meer).
  • Vanaf 29/05: opening van een deel van de culturele sector, met name de musea, zij het onder strikte voorwaarden (beperking aantal bezoekers die verplicht een neus-mondmasker moeten dragen).
  • Verbod op grotere samenkomsten (max. 100/500 binnenshuis/buitenshuis) tot eind juni, wat vooral de culturele event sector treft, met name de grote openluchtevents (bv. Bregenz) of musiekfestivals. Sommige openluchtevents, zoals Spielfeste Salzburg, mogen doorgaan, zij het in (sterk) gereduceerde vorm.
  • Versoepelingen in de culturele evenementensector: mevr. Mayer, de nieuwe staatssecretaris voor cultuur, kondigde op een persconferentie dd. 25/05/2020 eindelijk ook de versoepelingen aan voor de culturele eventsector, zowel indoor (concerten, theater) als outdoor (festival, muziek, opera). Vanaf 29 mei kunnen events tot 100 personen, zowel outdoor als indoor (geldt ook voor clubs en discotheken). Vanaf 1 juli kunnen events indoor tot 250 personen en outdoor tot 500 personen. Vanaf 1 augustus kunnen dan events indoor tot 500 personen (zelfs tot 1.000 personen als men speciale veiligheidsvoorzieningen treft) en outdoor tot 750 personen (zelfs tot 1.250 personen als men speciale veiligheidsvoorzieningen treft). Voor alle events blijft de grondregel: of min. 1 meter afstand of min. 1 zitplaats vrij laten. Voor indoor events blijft, enerzijds, de plicht om neus-mondmaskers te dragen maar wordt, anderzijds, een uitzondering gemaakt voor vier leden van hetzelfde gezin die wel naast mekaar mogen zitten (dat naar analogie met de regel in gastronomie).
  • Openen van buitenlandse grenzen: Oostenrijk, Duitsland en Zwitserland (= DACH-regio) kwamen overeen dat hun onderlinge grenzen opnieuw zullen openen voor normaal vrij personenverkeer per maandag 15 juni 2020. De verwachtingen zijn dat de grenzen met buurlanden Slovakije, Tsjechië en Hongarije eveneens zullen openen per 15 juni. Voor de Oostenrijkse toeristische sector is dat goed nieuws want men zal vanaf 15 juni opnieuw gasten, vooral uit Duitsland, kunnen ontvangen, wat het binnenlandse toeristische zomerseizoen 2020 toch voor een deel zal kunnen goed maken.
  • Vanaf 1/07: versoepelingen voor sportactiviteiten zowel indoor als outdoor; er gelden geen beperkingen meer. Op 25 juni werden niet alleen versoepelingen voor de sportsector aangekondigd, maar ook voor de horecasector: vanaf 1/07 hoeven kelners geen mondmaskers meer te dragen en de sluitingsuren worden versoepeld;
  • Vanaf 1/08 (kleinere events): versoepelingen voor kleinere events zoals huwelijken; vanaf 1 augustus zijn events tot 200 personen toegestaan.
  • Vanaf 1/09 (grotere events): vanaf 1 september zullen grotere events tot max. 10.000 personen in open lucht en tot max. 5.000 personen indoor mogelijk zijn. Op 25 juni werden ook versoepelingen aangekondigd voor bezoeken aan stadia en concertzalen: meer mensen kunnen opnieuw binnen, maar de organisatoren moeten wel zorgen dat de minimum afstandsregel in acht wordt genomen door het toewijzen van zitplaatsen (en desgevallend zitplaatsen tussen 2 personen open te laten).

4. Economie

a. Economische impact

Per eind april 2020 werd duidelijk dat de coronacrisis een enorm zware impact zal hebben op de Oostenrijkse economie. Macro-economisten verwachten dat het bbp, dat bijna EUR 400 miljard bedroeg in 2019, zal krimpen met ca. 7% tot 9% in 2020. De belangrijkste factoren achter deze economische krimp (recessie) zijn het instorten van de private consumptie en van de export en het feit dat bedrijven niet investeren in de opbouw van kapitaalgoederen of voorraden. De coronacrisis zorgde voor ca. 200.000 nieuwe werklozen, waarmee midden april 2020 het totale aantal werklozen steeg tot 590.000, een nieuw naoorlogs record voor Oostenrijk. Ondertussen is het aantal werklozen gelukkig opnieuw onder 500.000 gezakt. Bijna alle bedrijven zagen zich verplicht om werknemers in technische werkloosheid (Kurzarbeit) te sturen, initieel voor een periode van 3 maanden (maart, april, mei); de meest getroffen sectoren waren de horeca, met de voor Oostenrijk erg cruciale sector Toerisme, alsook de bouw, en logistiek & transport; de ergst getroffen regio's zijn Tirol (toerisme) en Wenen (diensten). Het aantal personen in 'Kurzarbeit' is gezakt van 1,4 miljoen (piek) tot onder 900.000 (einde juni); de initiële periode werd ondertussen verlengd voor nog 3 maanden (juni, juli, augustus). De hamvraag is wat er zal gebeuren per begin september 2020 want een derde verlenging van het systeem Kurzarbeit is, in principe, niet mogelijk. Als dan geen uitzondering wordt toegestaan, zorgt dat allicht voor een schok in het najaar. Voor meer details, verwijzen we naar de paragraaf ‘economische vooruitzichten’ hieronder.

b. Handelsbelemmeringen

Binnen de interne EU-markt mogen er in principe geen handelsbelemmerende maatregelen bestaan. Vindt u dat de overheid van een andere EU-lidstaat tegen dat principe zondigt? Worden de interne marktregels verkeerd toegepast? Dan kan u terecht bij het Enterprise Europe Network. Dit netwerk geeft advies bij klachten van bedrijven tegen andere bedrijven of tegen overheidsadministraties.

c. Relancemaatregelen

Op woensdag 18/03 kondigde de Oostenrijkse regering een economisch hulppakket ad EUR 38 miljard. Bovenop een initieel hulppakket ad EUR 4 miljard (beslist week voordien) kwamen bijkomende maatregelen ad EUR 33 miljard: EUR 9 miljard aan kredietgaranties, Euro 19 miljard aan noodhulp voor specifieke branches/sectoren en EUR 10 miljard hulp m.b.t. belastingen. In de week van 23-27 maart 2020 werkten politici de modaliteiten verder uit. Een deel van het noodpakket is een Härtefall-fonds, bedoeld voor eenpersoonszaken (EPU’s) en kleine ondernemingen (minder dan 10 personen). Het Härtefall-fonds zal financiële hulp bieden ad max. EUR 2.000/maand en voor max. EUR 6.000 (dus 3 maanden). Deze bedragen zijn, de facto, subsidies die niet moeten worden terugbetaald. De financiële hulp wordt uitbetaald via WKÖ, de Kamer van Koophandel.

De eenpersoonszaken en kleine ondernemingen kunnen per 27/03 een e-aanvraag indienen bij WKÖ. De bedoeling is dat de zelfstandigen of kleine ondernemingen een eerste deel van de hulp op hun rekening krijgen per einde maart. Het Härtefall-fonds werd ondertussen opgetrokken tot EUR 60 miljoen. Een ander deel van het EUR 38 miljard noodpakket is het zogenaamde Notfallhilfe-fonds, bedoeld voor de horecasector die wordt gesteund met overbruggingskredieten, aan gunstige rentevoeten. Sommige Bundesländer waar Toerisme cruciaal is (zoals Tirol), gaven al aan dat ze deze rentelasten zullen overnemen en ze riepen de hulp in van Osterreichischen Hotel- und Tourismusbank voor bijkomende noodkredieten. Voor de kmo’s en grote ondernemingen werd ook het instrument van ‘Kurzarbeit’, het Oostenrijkse equivalent van technische werkloosheid, uit de kast gehaald en nog aantrekkelijker gemaakt. De Oostenrijkse regering probeerde erg hard om grote en middelgrote ondernemingen te overtuigen om zoveel mogelijk mensen in ‘Kurzarbeit’ te sturen, in plaats van te ontslaan. De mensen die in ‘technische werkloosheid’ gaan moeten zich aanmelden bij AMS, het Oostenrijkse equivalent van VDAB, dat de financiële hulp zal uitbetalen. Al dat grote geschut kon niet verhinderen dat er in de laatste week van maart 2020 liefst 200.000 werklozen bijkwamen. Die instroom duwde het totale aantal werklozen in Oostenrijk opnieuw boven 500.000, een nieuw triest record in de naoorlogse periode. Per einde juni 2020 daalde het aantal werklozen opnieuw onder de psychologische drempel van 500.000.

d. Economische vooruitzichten

Bank Austria, deel van de Italiaanse UniCredit groep, publiceerde in haar ‘Austria-up-to-date’ april 2020 rapport haar verwachtingen voor 2020 en prognoses voor 2021:

Kerncijfers 2017 2018 2019 2020 (verwachting) 2021 (prognose)
(% evolutie t.o.v. vorig jaar)

Reële bbp-groei

2,5% 2,4% 1,6% -9,1% +7,9%
Private consumptie 1,4% 1,1% 1,4% -11,4% +9,8%
Export 5,9% 5,9% 2,7% -9,9% +8,0%
Import 5,0% 4,6% 2,7% -8,2% +9,5%
Inflatie (CPI) 2,1% 2,0% 1,5% 0,9% 1,9%
Werkloosheid (Eurostat) 5,5% 4,9% 4,5% 6,6% 4,9%
Begrotingstekort (% bbp) -0,8% +0,1% +0,1% -9,6% -2,0%
Overheidsschuld (% bbp) 82,9% 78,3 74,0% 86,2% 80,4%

Bron: Bank Austria, 'Austria-up-to-date', update macro-economische cijfers per april 2020

Eind 2019 verwachtte Bank Austria al een zwakkere groei van 1,1% van bbp voor 2020 omwille van de conjunctuurverzwakking in Duitsland en West-Europa. In maart 2020 brak de coronacrisis uit in volle hevigheid. Vanaf midden maart 2020 ging Oostenrijk in lockdown: de grenzen gingen dicht, bedrijven sloten, de export viel stil en vele werknemers gingen in technische werkloosheid. Macro-economisten verwachten dat de Oostenrijkse economie een V-verloop, dat typisch is na een grote externe schok, zal kennen: een diepe negatieve impact in 2020, gevolgd door een economisch inhaalmanoeuvre in 2021. De studiedienst van Bank Austria verwacht een negatieve groei van 9% van het reële bbp in 2020. Dat is negatiever dan de verwachtingen van het IMF of WIFO (beiden verwachten een negatieve groei van 7% in 2020). De werkloosheid stijgt in 2020 tot 6,6% ( Eurostat-definitie), deels omdat niet alle mensen die in technische werkloosheid werden gestuurd uiteindelijk hun job zullen kunnen behouden en deels omwille van faillissementen in de tweede helft van 2020. De studiedienst van Bank Austria verwacht voor 2021 een economische opflakkering met een ca. 8% groei van het reële bbp, waarbij de werkloosheid per eind 2021 kan afnemen tot 5% (zelfde niveau als in 2018).

e. Opportuniteiten op korte termijn

‘Korte termijn’ definiëren we als: het lopende jaar 2020. Uit de gitzwarte prognoses (prognoses Bank Austria hierboven) blijkt dat er nauwelijks enige opportuniteiten zullen zijn in 2020. Bank Austria verwacht immers voor 2020 een diepe economische recessie, veroorzaakt door twee belangrijkste factoren:

  1. het instorten van de private consumptie (-11% in 2020) omdat het te besteden inkomen in mekaar zakt (als gevolg van oplopende werkloosheid);
  2. het instorten van de Oostenrijkse export (-10% in 2020) omdat het besteedbare inkomen in exportmarkten een klap zal krijgen.

Goed om weten:
De interne private consumptie was vanaf 2016 (een belangrijke taks shift trad in werking sinds 1/01/2016) een erg belangrijke driver van de reële economische groei in Oostenrijk. De private consumptie groeide in de afgelopen 3 jaren (2017-2019) met ca. 1,4% p.a. maar stort, volgens verwachtingen in mekaar tot minus 11,4% in 2020! De oplopende werkloosheid leidt enerzijds tot minder (te besteden) beschikbaar inkomen en anderzijds zet de algemene onzekerheid een verdere domper op de bereidheid om te consumeren. Dat alles zorgt ervoor dat Oostenrijkse consumenten minder producten (zowel binnen- als buitenlandse) zullen kopen. De Oostenrijkse consument zal allicht ook wars zijn om dure producten te kopen en zal dergelijke aankopen vermoedelijk uitstellen tot 2021. Vlaamse exporteurs houden daar beter rekening mee. 

Tot slot nog dit:
De regering pompt wel EUR 38 miljard in de Oostenrijkse economie, maar dat is louter om te voorkomen dat het economische systeem implodeert en zal dus niet leiden tot bijkomende opportuniteiten voor Vlaamse exporteurs in 2020.

f. Opportuniteiten op lange termijn

‘Lange termijn’ definiëren we als: het komende jaar 2021. Macro-economisten verwachten dat de Oostenrijkse economie een V-verloop zal kennen: een zware recessie in 2020, gevolgd door een economisch inhaalmaneuver in 2021, met een 8% positieve groei (opstoot) van het reële bbp en met een werkloosheid die zich zal stabiliseren op 5%, eenzelfde niveau als in 2018. Dat laatste betekent dat gezinnen in 2021 opnieuw over meer inkomen zullen beschikken en derhalve meer zullen kunnen consumeren. Bovendien zullen aankopen die in 2020 werden uitgesteld wellicht plaatsvinden in 2021. Voor de Vlaamse exporteurs betekent dat alles dat er vanaf 2021 wellicht opnieuw goede zaken zullen gedaan kunnen worden.

Daarbij dient een belangrijke kanttekening geplaatst: dat meer rooskleurige scenario voor 2021 gaat er uiteraard vanuit dat er geen grote crisissen meer zullen komen (zoals een nieuwe uitbraak van coronacrisis), zodat een economisch herstel zich kan inzetten vanaf begin 2021.

5. Nuttige links

6. Dossier coronavirus

Het coronavirus heeft een wereldwijde impact, niet alleen op de gezondheid, maar ook op de economie. Ook uw export kan hiervan gevolgen of zelfs hinder ondervinden. FIT monitort de risico's dagelijks en ons buitenlands netwerk informeert u over alle implicaties voor Vlaamse exporteurs op hun internationale activiteiten. 

Wat gebeurt er met FIT groepsstanden op beurzen of andere acties? Volg het dossier Coronavirus op onze website.
Met vragen over internationaal ondernemen in tijden van corona, kunt u terecht bij exportadvies-corona@fitagency.be

22 juli 2020