U bent hier

Kansrijke sectoren

De informatie op deze landenpagina werd met de grootste zorg samengesteld maar houdt nog geen rekening met de gevolgen van de coronacrisis.

Landbouw

De landbouwsector blijft in Tadzjikistan een belangrijk onderdeel van de economie, met ongeveer 20% van het BBP en 60% van de totale werkgelegenheid. Slechts 28 procent van de grond wordt als landbouwgrond beschouwd, waarbij 2/3 bestaat uit weiden en grasland en slechts een klein deel wordt gebruikt voor de productie van meerjarige gewassen. Katoen en tarwe zijn de belangrijkste handelsgewassen, die op 70% van de akkers worden verbouwd. Katoen was in 2018 de belangrijkste landbouwgrondstof met 19% van de export van het land.

De landbouwproductiviteit in Tadzjikistan is in verhouding tot andere landen in de regio laag ondanks geschikte agro-ecologische omstandigheden. Ook de opbrengsten van belangrijke gewassen zijn aanzienlijk lager dan in bijvoorbeeld Oezbekistan, waar de internationale normen laag zijn (2,2 ton/ha tegenover 4,5 ton/ha voor tarwe en 1,7 ton/ha tegenover 2,3 ton/ha voor katoen). Volgens de Mid-term Development Strategy 2016-2020 is een van de belangrijkste prioriteiten in de landbouw het verhogen van de opbrengsten van bestaande gewassen door:

  • verstrekken van kwaliteitszaad
  • minerale meststoffen en chemicaliën
  • het waarborgen van de toegang tot irrigatie
  • het beperken van verliezen bij de oogst en het vervoer

Kleine huishoudelijke percelen produceren het grootste deel van de landbouwproductie in het land. Landhervormingen in de jaren negentig hebben geleid tot de ontbinding van grote sovjetboerderijen kolchozen en sovchozen. Terwijl de landbouwgrond in staatseigendom bleef, werden de voormalige Sovjetboerderijen opgesplitst in inefficiënt geëxploiteerde boerenbedrijven (dekhan) die naast de kleine huishoudpercelen bestonden. Dekhan boerderijen nemen ongeveer 65% van de grond in beslag, maar zijn slechts goed voor 30% van de landbouwproductie van het land. Omgekeerd gebruiken de percelen van de huishoudens slechts 20% van de grond, terwijl ze ongeveer 65% van de productie genereren. Het gemiddelde perceel is zeven hectare.

Naast de katoenteelt zijn er nog andere belangrijke takken in de landbouw zoals de veeteelt (waaronder langhorige runderen, Gissar-schapen en geiten) en de teelt van fruit, granen en groenten. De boeren in Tadzjikistan verbouwen tarwe en gerst en hebben de rijstteelt uitgebreid. De tuinbouw is sinds de oudheid belangrijk op het grondgebied van Tadzjikistan. Het land exporteert amandelen, gedroogde abrikozen en druiven. Meer dan 80% van de 8.800 vierkante kilometer grond die voor de landbouw wordt gebruikt, is afhankelijk van irrigatie. Tadzjikistan importeert graan uit Kazachstan en Oezbekistan.

Katoen is het belangrijkste exportproduct voor de landbouw en heeft een aandeel van 90% in de totale landbouwexport. Andere exporteerbare landbouwproducten zijn ruwe en verwerkte groenten en fruit (9% van de landbouwexport in waarde).

Het totale landbouwareaal bedraagt 7,2 mln ha, waarvan het grootste deel bestaat uit weilanden. Het landbouwareaal bedraagt slechts 675 000 ha, waarvan slechts 470 000 ha geïrrigeerd areaal. De plantaardige productie van het land ontwikkelt zich op geïrrigeerde en regenrijke gronden, waar jaarlijks 350 000-450 000 ton katoen wordt geproduceerd, meer dan 1,2 miljoen ton graan, 760 000 ton aardappelen, 1,1 miljoen ton groenten, 482 000 ton meloenen en 224 000 ton fruit.

Mijnbouw en mineralen

Tadzjikistan telt meer dan 400 mijnen en afzettingen van erts en niet-metaalhoudende mineralen die in kaart zijn gebracht en klaar voor exploratie. Voorts zijn er nog ertslagen met goud, zilver, ijzer, bismut, wolfraam en antimonium en afzettingen van marmer, graniet en edelstenen. De zilverreserve bedraagt 60.000 ton. Koni Mansoer, de op een na grootste zilvermijn ter wereld, ligt in Tadzjikistan. De mijn heeft reserves van meer dan 56.000 ton zilver.

In Tadzjikistan zijn 28 goudaders in kaart gebracht met reserves van meer dan 400 ton. Van oudsher zijn de Tadzjiekse mijnbouwondernemingen gespecialiseerd in het winnen van mineralen en in de primaire verwerking ervan. De verdere conversie van de concentraten en de metallurgie gebeurde in het buitenland. Het tekort aan voorzieningen om afgewerkte producten te maken zet een grote rem op de ontwikkeling van deze industrietak. Maar onlangs kwam hier verandering in: de Chinees-Tadzjiekse joint venture Zarafshon is het grootste goudwinningsbedrijf van het land dat een nagenoeg volledige cyclus kan aanbieden: winning, verwerking en metallurgie. De hoofdactiviteit van basisgrondstoffen zit hem in de goudertslagen in Djilali en Taror in de provincie Sughd. De belangrijkste bruikbare metalen zijn goud, zilver en koper;  overgangsmetalen – bismut, selenium, tellurium; schadelijke metalen – arsenicum. De andere joint venture 'Aprelevka' ligt in het noorden van Tadzjikistan. 49% van het aandelenkapitaal is in handen van de Canadese onderneming Gulf International Minerals. Aprelevka wint goud in de noordelijk provincie Sughd. Het bedrijf produceert momenteel jaarlijks 15.000 ons goud. Het is volop bezig met prospectie om de productie en de rendabiliteit op te drijven.

De grootste zilverafzettingen bevinden zich eveneens in de provincie Sughd, waar het grootste goudwinningsbedrijf van het land actief is. Tadzjikistan produceert ook strontium, zout, lood, zink, fluoriet en kwik. In 2011 werden 2 enorme goudaders ontdekt, een in het centrum van het land, goed voor 118 ton, en de andere in het noorden, goed voor vermoedelijk 59 ton.

De Tajikistan Aluminium Company (TALCO; daarvoor TadAZ, ‘Tajikistan Aluminium Smelter’), een aluminiumsmelterij, is de enige Tadzjiekse grootschalige productieonderneming in de mijnbouwsector. Ze beheert een van de grootste aluminium verwerkende bedrijven ter wereld, dat in Toersoenzade in het westen van het land is gevestigd. Naar verluidt produceert het 517.000 ton aluminium per jaar en verbruikt hierbij 40% van de stroom die in Tadzjikistan wordt opgewekt. Het leeuwendeel van het aluminium is bestemd voor de export; per jaar wordt slechts 5.000 ton in het land verbruikt. De afgelopen jaren leverde kolenwinning een belangrijke bijdrage aan de nationale economie: de productie van steenkool steeg met 39% tot 31.200 ton en die van bruinkool met 70% tot 15.200 ton.

Vandaag worden meer dan 36 mijnen geëxploiteerd en verkend in Tadzjikistan. In 14 mijnen zijn in totaal 18 industriële ondernemingen actief betrokken bij de steenkoolwinning in het land. Het land heeft naar schatting 4,3 miljard ton steenkoolreserves. Een van de productiefste is de Fon Yagnob-mijn met een jaarproductie van 295.000 ton. Alleen in deze mijn zitten nog meer dan 1 miljard ton aan reserves. Kshut Zauran en Fon Yagnob zijn de belangrijkste koolafzettingen. Deze kolen zijn geschikt voor de productie van vloeibare en gasvormige brandstoffen (ongeveer USD 120-130 per ton). De steenkoolreserves zijn goed voor 200 jaar ontginning. 

Energie

Tadzjikistan benut momenteel amper 5% van zijn waterkrachtpotentieel, Het land beschikt over het op 7 na grootste potentieel aan hernieuwbare energiebronnen ter wereld (naar schatting 300 miljard kWh per jaar). Momenteel produceert Tadzjikistan ongeveer 16,5 miljard kWh/jaar. Naar verwachting zal dit binnen 2 jaar 25 miljard kWh/jaar zijn. Volgens officiële bronnen zal de productie van dit volume elektrische energie gerealiseerd worden door de bouw en de exploitatie van een installatie die het afvalwater van de rivier Vaksh verwerkt. Door deze plannen uit te voeren, kan Tadzjikistan volledig in de eigen energiebehoeften voorzien en tegelijk tijdens de zomermaanden tot 8 miljard kWh per jaar aan stroom uitvoeren.

Tadzjikistan produceert dagelijks 43,7 miljoen kWh elektriciteit, waarvan het meer dan 5 miljoen kWh uitvoert. Volgens het ministerie van Energie en Waterhuishouding van Tadzjikistan neemt de Nurek-waterkrachtcentrale met 29,2 miljoen kWh het leeuwendeel van die productie voor haar rekening, gevolgd door de Sangtuda-1-centrale die 3,9 miljoen kWh produceert. Tadzjikistan exporteert momenteel stroom naar Kirgizië en Afghanistan.

Daarnaast leveren 35 kleine waterkrachtcentrales met een vermogen van 100 tot 4.500 kW en 270 microwaterkrachtcentrales met een vermogen van 20 tot 100 kW stroom aan afgelegen plaatsen.

Onlangs zijn plannen gemaakt om de waterkrachtcentrales van Golovny (240 MW) en Kairakum (126 MW) met financiële steun van de ADB (de Aziatische Ontwikkelingsbank) en de EBWO (de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling) te herstellen en te moderniseren. De regering van Tadzjikistan heeft hiervoor met de ADB een subsidieovereenkomst voor USD 136 miljoen getekend om de centrale van Golovnoy te herstellen.

Tadzjiekse rivieren zoals de Vakhsh en de Panj hebben een aanzienlijk waterkrachtpotentieel en de regering zet in op het aantrekken van investeringen voor projecten voor binnenlands gebruik en voor de uitvoer van elektriciteit. In Tadzjikistan is de Nurek-waterkrachtcentrale gevestigd, de hoogste stuwdam ter wereld.

In 2010 kondigde het Russische Gazprom de ontdekking aan van aanzienlijke aardgasreserves in het Sarykamish-veld, goed voor 60 miljard m³ aardgas of voldoende om het binnenlandse verbruik van Tadzjikistan voor 50 jaar te dekken. Barqi Tojik is de nationale energiemaatschappij.

Het regionale elektriciteitstransmissieproject CASA-1000 is bedoeld om tijdens de zomermaanden de export van elektriciteitsoverschotten van Kirgizië en Tadzjikistan naar Pakistan en Afghanistan te organiseren. Zelfs zonder het systeem met nieuwe elektriciteitscentrales uit te breiden, zijn er voldoende elektriciteitsoverschotten in de Midden-Aziatische landen voorhanden om deze hoogspanningslijnen met stroom te bevoorraden.
Het moderne en efficiënte CASA-1000-elektriciteitstransportsysteem zal de ontwikkeling van de regio ten goede komen en is een belangrijke stap in de richting van de geplande Midden- en Zuid-Aziatische regionale elektriciteitsmarkt (CASAREM). Het CASAREM-initiatief helpt niet enkel deze vier landen, maar zorgt ook voor een verbetering van de elektriciteitssystemen en van de onderlinge samenwerking tussen Midden- en Zuid-Azië. Een belangrijk onderdeel van dit initiatief is de ontwikkeling van een grensoverschrijdend hoogspanningsnet dat de landen met elkaar verbindt en dat de uitwisseling van elektriciteitsoverschotten tussen de regio’s moet vereenvoudigen.
Eenmaal afgewerkt, kan via de CASA-1000-hoogspanningslijnen elektriciteit worden getransporteerd tussen Kirgizië en Tadzjikistan (de eerste 477 kilometer) en van Tadzjikistan naar Afghanistan en Pakistan (de volgende 750 kilometer).  Als alles volgens plan verloopt zal het project in 2020 klaar zijn. De totale kost van het project bedraagt meer dan USD 1 miljard. De kosten voor het project zijn als volgt verdeeld: Tadzjikistan – USD 314 miljoen, Kirgizië – USD 209 miljoen, Afghanistan – USD 354 miljoen en Pakistan – USD 209 miljoen. Tadzjikistan, Kirgizië, Pakistan en Afghanistan hebben een belangrijk raamwerk gecreëerd om CASA-1000 te realiseren: de Intergouvernementele Raad.
Naast het engagement van de vier landen kan CASA-1000 rekenen op de steun van de Wereldbankgroep, de Islamitische Ontwikkelingsbank, het United States Agency for International Development (USAID), het US State Department, het United Kingdom Department for International Development (DFID), het Australian Agency for International Development (AusAID) en andere donorgemeenschappen.

Tadzjikistan is een partnerland van het EU INOGATE-energieprogramma dat vier hoofddoelstellingen heeft:

  • het zorgen voor meer energiezekerheid;
  • convergentie van de energiemarkten van lidstaten op basis van de beginselen van de interne EU-energiemarkt;
  • steun voor duurzame energieontwikkeling;
  • het aantrekken van investeringen voor energieprojecten met een gemeenschappelijk en regionaal belang.

Toerisme

Tadzjikistan heeft een rijk cultureel en historisch erfgoed, een geografisch gunstige ligging, heel afwisselende natuurlijke landschappen en unieke natuurmonumenten om het binnen- en buitenlands toerisme te ontwikkelen. De meest veelbelovende toeristische activiteiten zijn: historisch en etnografisch toerisme, avontuurlijk en ecotoerisme, rafting, paragliding en alpineskiën. Tadzjikistan is een bergachtig land met pieken tussen 300 en 7.000 meter. 93% van het grondgebied van Tadzjikistan is bergachtig. Tadzjikistan telt drie pieken van meer dan 7.000 meter: de Samanipiek (vroeger ook de Communismepiek genoemd – 7.495 meter), de Leninpiek (7.134 meter) en de Korjenevskayapiek (7.105 meter).

Er is ook nog de Mabuzagletsjer (ongeveer 700 km²). Al deze plekken zijn perfect geschikt voor alpinisme en klimmen. Beschermde natuurgebieden in Tadzjikistan zoals het Zorkul-bergmeer in het Pamirgebergte, het Fanngebergte (met de unieke bergmeren Iskanderkul, Alaudin, Kulikalon en Allo) en het Dashti Dzhumsky-natuurreservaat in het zuiden van Tadzjikistan staan op de UNESCO-Werelderfgoedlijst.

Tadzjikistan telt meer 200 minerale en thermale bronnen, ideaal om kuurtoerisme te ontwikkelen. Het Fanngebergte tussen Zeravshan en Hissar is bijzonder populair bij toeristen en bergbeklimmers. In dit gebergte ligt Iskanderkoel, het grootste bergmeer.

De Wereldtoerismeorganisatie (waarvan Tadzjikistan sinds 2007 lid is) en de regering van Tadzjikistan hebben afspraken gemaakt om de toeristische sector met een aantal concrete initiatieven te promoten. Zo zal de Wereldtoerismeorganisatie Tadzjikistan helpen bij het uitwerken van een marketingstrategie, bij het verbeteren van statistieken over het toerisme en bij het ontwikkelen van toeristische producten op basis van biodiversiteit. Tadzjikistan steunt de ontwikkeling van de toeristische sector door de toegang te bevorderen via eenvoudigere visumregelingen, door de accommodatie te verbeteren en door te investeren in het behoud van de biodiversiteit, wat een van de prioriteiten is.

Bij het ontwikkelen van het toerisme ligt de nadruk op 3 zwaartepunten: ecotoerisme, bergtoerisme en cultuurtoerisme. De ligging van Tadzjikistan op de Zijderoute, de historische handelsroute die tal van toeristische bestemmingen met elkaar verbindt, speelt hierbij een belangrijke rol. Hoogwaardige toeristische infrastructuur is in Tadzjikistan nauwelijks voorhanden. Onder andere door het onstabiele en onzekere klimaat in de jaren 1990 waren investeerders niet bereid om zwaar te investeren en om verbintenissen op lange termijn aan te gaan. Die zijn cruciaal om in het land hotels te bouwen die aan de internationale kwaliteitsnormen voldoen. Tourism Promotion Services (TPS), een filiaal van AKFED (het Aga Khanfonds voor economische ontwikkeling), wil het toeristische potentieel van minder populaire gebieden zoals Tadzjikistan ontwikkelen. De TPS-hotels die onder de ketennaam 'Serena' fungeren hebben een uitstekende reputatie en voldoen aan de strengste normen op het vlak van comfort en dienstverlening. De keten telt meer dan 30 vestigingen in 8 landen in Oost-Afrika en Azië.

Specifieke vraag of probleem?

Flanders Investment & Trade heeft een wereldwijd netwerk van experten dat uw bedrijf ter plaatse helpt.

Ontdek wat FIT voor u kan doen in Tadzjikistan