U bent hier

Kansrijke sectoren

Logistiek, havens en transport

In een groot, dun bevolkt en relatief geïsoleerd land als Spanje spelen logistiek en transport een belangrijke rol. Het is een sector die jaarlijks 200.000 nieuwe personen tewerkstelt en in 2015 zeker 6% van het Spaanse bbp vertegenwoordigde. (bron: Ministerio de Fomento)

Recente cijfers van het Nationaal Instituut voor Statistiek (INE) geven aan dat het omzetcijfer van de Spaanse sector in zijn geheel in 2015 een groei gekend heeft met maar liefst 4%. Wie het meest van deze groei heeft geprofiteerd zijn het luchtvervoer (+6%), het maritiem vervoer (+4%) en het transport over de weg (+4%). Het spoorwegvervoer behaalt het minste resultaat met een omzetgroei van 2,6%.

In 2015 waren er 160 Spaanse logistieke operators die 18.500 personen te werk stelden (bron: Ministerio de Empleo). In 2016 en 2017 bleef de omzet in de sector stijgen, waardoor het bedrag in 2017 ongeveer 4,2 miljard euro zal bedragen dankzij de jaarlijkse stijging van 3-4%. In dit cijfer zijn ook de aanverwante activiteiten zoals verwerking en opslag van goederen opgenomen. Er blijft zich in deze sector een sterke concentratie doorzetten. In 2015 realiseerden de vijf grootste bedrijven 44% van de totale omzet van de sector en de tien grootste 62%. Het INE voorspelt tijdens de komende jaren een sterke groei van deze sector zowel in omzet als in werkgelegenheid.

Binnen de Spaanse transportsector neemt het goederenvervoer over de weg een zeer prominente plaats in (94,45% in 2015) gevolgd door het maritiem transport (3,58% in 2015) en op aanzienlijke afstand het transport via het spoor (1,97% in 2015).). (Bron: Ministerio de Fomento, Observatorio del Transporte y la Logística.)

Zoals in de logistiek is ook in het wegtransport een concentratie waar te nemen. De sector heeft zich als het ware aangepast aan de gedaalde economische activiteit ten gevolge van de crisis. Sinds 2007 daalt zowel het aantal bedrijven als het aantal geregistreerde voertuigen (-25%) Het Spaanse ministerie van Transport becijferde het aantal bedrijven in 2013 op 108.000. De totale omzet van deze bedrijven bedroeg datzelfde jaar € 22 miljard. Twee derden van die bedrijven hebben minder dan twee werknemers in dienst, in tegenstelling tot de Europese transportbedrijven waar het gemiddelde veel hoger ligt. Van de Spaanse transportbedrijven telt slechts 1% meer dan 99 werknemers.

De kustlijn van Spanje is 8.000 kilometer lang en het land telt 46 commerciële havens. Deze havens worden gecoördineerd en gecontroleerd door 28 havenautoriteiten. In 2015 gebeurde 73% van de totale Spaanse export en 75% van de import via de havens. De havens met het meeste goederenverkeer zijn Algeciras, Valencia, Barcelona, Bilbao en Tarragona. In 2015 bereikte het goederenverkeer in de Spaanse havens een historisch record met 501,8 miljoen ton (+4,1% dan in 2014) (Bron: Puertos del Estado). Logistieke dienstverleners kunnen hier marktkansen vinden.

De overheid gaat de komende jaren in de havens en hun infrastructuur blijven investeren. Deze investeringen zullen voornamelijk naar projecten gaan die de efficiëntie en de toegankelijkheid van de havens kunnen verbeteren. Zoals superstructuurwerken, I+D+i projecten, milieuprojecten, enz. Hier liggen kansen voor Vlaamse leveranciers, projectontwikkelaars, bouwbedrijven, baggeraars.

Vakbeurzen

  • www.silbcn.net SIL - Salón Internacional de la Logística y de la Manutención in Barcelona van 5 t/m 7 juni 2018

Creatieve Industrie

De sector ‘Creatieve industrie’ omvat de economische activiteiten met betrekking tot de intellectuele eigendom: architectuur, audiovisuele kunst, beeldende kunst, communicatie, PR en reclame, cultureel erfgoed & patrimonium, design, gedrukte media, gaming, mode, muziek, nieuwe media en podiumkunsten.

De totale creatieve sector wordt door Spaanse specialisten op zo'n 7% van het bbp geschat, wat het de derde grootste sector in Spanje maakt. Het is een booming industrie, met kleine en weinig georganiseerde bedrijven, die meedrijven op de gunstige wind: Spanje is een merk met toekomst, waarbij de connotatie ‘creativiteit’ niet veraf is. De Europese Commissie stelt vast dat de sector van creatieve en culturele industrie 4,2% van het bbp en 7 miljoen banen vertegenwoordigt van het totaal in de EU.

We kunnen er van uitgaan dat zich kansen aandienen voor Vlaamse bedrijven uit de audiovisuele economie, de mode en designwereld, de muziek en de gamingindustrie. Getuige de vele fora voor creatieve industrie, de sterke ondersteuning vanuit de Spaanse overheid met fiscale aftrekbaarheid (tot 40%) en de gekende creatieve scène in Barcelona en Madrid (Barcelona District of Creativity, de Cibeles Fashion Week in Madrid, de Pasarela Gaudí in Barcelona, de Spaanse filmindustrie,…).

De Spaanse markt geeft een extra voordeel: wie in Spanje ideeën, diensten en producten verkoopt, krijgt ineens toegang tot een grote en groeiende markt, niet alleen in Zuid-Amerika maar ook bij de Spaanstaligen in de VS.

De Spaanse modesector verovert de wereld met bekende merken en winkelketens (Zara, Desigual, e.a.) en design is een sterke sector, vooral dan in Catalonië. Men schat dat in Barcelona alleen al elk jaar een 6000 studenten afstuderen aan één van de talrijke scholen daar. Het Disseny Hub in Barcelona vormt een platform voor alle creatieve inspanningen. In Madrid vervult DIMAD deze rol.

In Spanje heerst een echte televisiecultuur. De gemiddelde kijktijd per dag bedraagt ongeveer 250 minuten. Als men dit vergelijkt met de gemiddelde kijktijd van de Vlamingen, 187 minuten per dag, kan men gerust stellen dat Spanje een absoluut televisieland is.

Vlaamse producties zijn geen uitzondering in het Spaanse medialandschap. Er zijn al verscheidene programma’s en formats die het waarmaken in Spanje. Denk maar aan producties zoals Peking Express, Benidorm Bastards en Chicken Town.

Daarom heeft het kantoor van Flanders Investment & Trade in Madrid al geruime tijd aandacht geschonken aan de televisie- en filmproductie als deel van de creatieve industrie. Het verzorgde al workshops in Madrid en Barcelona rond de tax shelter en b2b-dagen in Brussel, Madrid en Barcelona. Het mag aan niemands aandacht ontsnappen dat er in de Spaanse audiovisuele sector twee grote centra bestaan: Madrid (en de rest van Spanje) en Barcelona. Beide zijn elkaar ongeveer waard qua aantal producties en belang en zijn verenigd in een confederatie van verenigingen, waarvan u hieronder de gegevens vindt. Elk heeft zijn specificatie en dat vertaalt zich o.m. in het bestaan van twee federaties, FAPAE en PROA.

Meer weten
  • www.fapae.es FAPAE - Federaciones y Asociaciones de productores audiovisuales
  • www.proafed.com PROA - Productors audiovisuals federats
 

Voeding

De agroalimentaire sector heeft in Spanje een strategisch belang, hij draagt immers met meer dan 9% bij tot het Spaanse bbp en biedt werkgelegenheid aan 2,4 miljoen Spanjaarden.

De totale uitgaven voor levensmiddelen en dranken bedroegen in 2015 meer dan 99 miljard euro, waarvan 68% bestemd was voor huishoudens en de resterende 23% voor hotel- en horecabedrijven. 

De EU is Spanjes belangrijkste handelspartner voor voedingsproducten. De voorbije tien jaar steeg de export van voeding met maar liefst 60%. (bron: Mercasa)

Wat voedingswaren betreft is Frankrijk de belangrijkste handelspartner van Spanje (15% van de totale export en 11% van de import) gevolgd door Duitsland (12% export, 14% import) en Italië (18,1% export, 6,7% import). Buiten de EU zijn de Verenigde Staten de belangrijkste handelspartner van Spanje (4,5% export, 4,8% import).

Spanje is de achtste exporteur van voedingswaren ter wereld en de belangrijkste exporteur van olijfolie (meer dan 50% van de productie). Als exporteur van wijn geniet Spanje een welverdiende faam.

In 2016 werd voor 9 miljard euro aan fruit uitgevoerd en voor 6.7 miljard euro aan groenten. Ook de import van deze producten stijgt de laatste jaren geleidelijk aan: de import van fruit bereikte bijna 3 miljard euro in 2016 en groenten €36,5 miljoen. Dit is toe te schrijven aan de stijgende vraag van de immigrantengemeenschap naar voedingswaren die in Spanje niet geproduceerd worden.

Rundsvlees is een uitgesproken importproduct terwijl varkensvlees vooral wordt uitgevoerd. Gevogelte dat tot vóór kort hoofdzakelijk ingevoerd werd, is nu eerder een exportproduct. De import van vis en zeevruchten daarentegen, voornamelijk afkomstig uit derde landen, steeg met 6,23% in 2014. Andere uitschieters zijn melk, melkproducten en kazen (voornamelijk uit Frankrijk), honing, dierlijke vetten en dranken. De meest ingevoerde voedingsproducten in 2016 waren kaas, vlees, soja, week- en schaaldieren, dierenvoeding, alcohol en chocolade. Vooral de import van vis kende de voorbije jaren een sterke stijging.

De Spaanse voedingsmarkt is traditiegetrouw een belangrijke afzetmarkt voor Vlaanderen. Wij hebben een goede reputatie en een ruim aanbod aan hoogwaardige producten. Hoewel het de Vlaamse bedrijven aan naambekendheid ontbreekt, scoren zij goed met zeer gevarieerde producten zoals bereide vleeswaren, koekjes (speculaas), groenten en fruit.

In 2015 werd in Spanje 3,5 miljard liter bier gedronken, 3.2% meer dan een jaar eerder. In 2014 werd ook voor de eerste keer sinds de crisis uitbrak, meer bier geconsumeerd in de horeca. Artisanale bieren dringen door in alle marktsegmenten, tot zelfs in toprestaurants waar ze met wijn wedijveren. Belgisch bier heeft in Spanje een stevige reputatie opgebouwd. Hier bestaan reële kansen voor onze exporteurs.

De steeds grotere vraag naar bioproducten – de consumptie steeg in 2015 met 24% tegenover het jaar ervoor – opent nieuwe kansen voor onze exporteurs. De consumenten associëren gezondheid met natuurlijke, onbewerkte producten wat ervoor zorgt dat de consumptie ervan het laatste jaar in de lift zit. “Health food” en voedingsmiddelen met supplementen krijgen veel aandacht. Onze chocolade is wereldbefaamd en goed geïntroduceerd in Spanje, voor bio-chocolade zijn er ook afzetmogelijkheden. Spanje produceert 1,7 miljoen ton aan biologische producten op jaarbasis. De binnenlandse consumptie alleen al in Spanje is goed voor 1,5 miljard euro. Ook het zogenaamde “free from food”, voorlopig slechts goed voor 4% van de totale omzet van de voedingssector in Spanje, is een niche markt die gestadig groeit en nog lang niet gesatureerd is.  Het richt zich tot consumenten die aan voedingsintolerantie lijden en die voedingsmiddelen zonder allergenen, lactose en gluten noodgedwongen uit hun voeding moeten bannen. Sommige studies spreken van 5 tot 8% van de Spaanse bevolking, andere van meer dan 20%. Vele fabrikanten hebben hierop ingespeeld en lactose- en glutenvrije producten aan hun gamma toegevoegd. De vraag naar “free from food” zal in Spanje blijven groeien en biedt goede afzetkansen.

Het nieuwe levensritme in de steden dwingt de voedingssector zich aan te passen met gebruiksklare producten, nieuwe “meal solutions” (gazpacho’s, soepen, pastagerechten, gegrilde schotels,...), diepgevroren en gekoelde kant-en-klaar maaltijden – deze laatste zijn nicheproducten waarin de Vlaamse voedingsbedrijven goed scoren – die overal en op gelijk welk tijdstip beschikbaar zijn zonder aan kwaliteit in te boeten. De meeste fabrikanten investeren dan ook in de renovatie van bestaande productie-eenheden en in nieuwe installaties en bieden diensten aan die vlugger en beter kopen mogelijk maken. Zo steeg de verkoop van voeding op internet met 25,6% tijdens het eerste trimester van 2015 (waarde: € 63 M). Toch vormen onlineaankopen in 2016 slechts 1,1% van de totale aankopen van voedingswaren, zodat dit kanaal nog een enorm potentieel inhoudt.

De progressieve toename van de bevolking ouder dan 55 jaar verklaart het succes van producten die specifiek voor dit segment van de bevolking bestemd zijn, zelfs al heeft de crisis de koopkracht van deze bevolkingsgroep ook aangetast: melkproducten rijk aan calcium en soja, probiotische gefermenteerde melk tegen de cholesterol, producten met een laag sodiumgehalte, yoghurt met 30% meer calcium en vitamine D om osteoporose te voorkomen, enz. blijven het nog steeds goed doen.

De MDD-producten (private label) behouden hun belang, slechts 13% van de Spaanse consumenten beweert nooit MDD-producten te kopen (bron: Mercasa) maar de merken van de fabrikanten – MDF-producten – winnen terrein zonder evenwel het niveau te bereiken van vóór de crisis. De invloed van de crisis op het koopgedrag van de Spanjaarden verplichtte de fabrikanten ertoe hun prijzen scherper te stellen om niet meer marktaandeel te verliezen, zodat het prijsverschil tussen MDF- en MDD-producten bijna wegvalt. Volgens Nielsen verkiest een derde van de consumenten nu verschillende merken met mekaar te vergelijken vooraleer te kiezen voor MDD-producten. Toch zijn er nog steeds afzetmogelijkheden voor Vlaamse fabrikanten die MDD-producten kunnen aanbieden tegen scherpe prijzen.

Marktstudies:

Vakbeurzen:

  • www.alimentaria-bcn.com De absolute topper is ALIMENTARIA in Barcelona, na ANUGA (Keulen) de tweede grootste Europese voedingsbeurs. Volgende editie van 16-19 april 2018
  • www.gourmets.net Salón Internacional del Club de Gourmets in Madrid is de ideale beurs voor producten met toegevoegde waarde, gourmet, voeding en dranken in het luxe-segment. De editie 2018 vindt plaats van 7 t/m 10 mei.

Toerisme en horeca

Het toerisme consolideert zich als motor van de Spaanse economie. Het is de enige sector die de voorbije jaren een mooie groei kende. 

Gedurende het eerste trimester van 2016 steeg het toerisme in Spanje met meer dan 3%, een ritme dat alle verwachtingen overstijgt en toe te schrijven is aan de terroristische aanslagen in Turkije en de onveilige situatie in Europese citytrip bestemmingen na de aanslagen in Parijs en Brussel. Het nu stilaan op gang komende economische herstel in Spanje heeft ook een positieve invloed op het nationale toerisme.

Het toerisme blijft een uiterst belangrijke sector die niet alleen 6% van het bbp vertegenwoordigt, maar ook op het vlak van werkgelegenheid van levensbelang is voor Spanje. Als we kijken naar directe én indirecte inkomsten, dan stijgt dit zelfs naar 16% van het bbp. Het toerisme zorgt voor voor zo’n 2 miljoen banen, wat goed is voor 16% van de totale werkgelegenheid van Spanje. De overheid heeft naast het strandtoerisme ook andere toeristische sectoren gestimuleerd, zoals natuur, cultureel en gastronomisch toerisme.

Spanje is na Frankrijk de tweede belangrijkste toeristische trekpleister van Europa. Spanje deed het in 2017 opnieuw zeer goed als vakantiebestemming. De sector sloot de zomer af met 70 miljoen buitenlandse toeristen, 10% meer dan in 2016, een nieuw record. In 2016 gaven de vakantiegangers 77 miljoen euro uit, wat dit jaar enkel nog zal toenemen.

Toeristen uit achtereenvolgens het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland zijn het talrijkst. Van de 68,1 miljoen toeristen waren er 37,3 miljoen afkomstig uit één van deze drie landen. Meer Engelsen (+8%) en Fransen (+2%) en minder Duitsers (-7%) dan in 2016. Daarna volgen de toeristen uit Scandinavië (+15%), de Italianen, de Nederlanders en de Zwitsers.

Spanje is, na Frankrijk, de tweede vakantiebestemming van de Belgen, gevolgd door Italië en Turkije.  Tussen begin januari en eind augustus 2017 kwamen reeds 1,7 miljoen Belgische toeristen op vakantie naar Spanje, wat zorgt voor een stijging van 3,6% tegenover 2016. Het aantal overnachtingen van Belgische toeristen steeg eveneens aanzienlijk (+8,5%) (bron: EOH-INE). Van alle buitenlandse toeristen waren het de Belgen die het langst vakantie vierden in Spanje (9,7 nachten).

Het internationale verkeer van lowcostvluchten steeg in 2016 met 13,4%, goed voor meer dan 40,4 miljoen passagiers, de helft van het totale aantal reizigers. De enorme toename van low cost vluchten stimuleert het toerisme van kortere duur, de zogenaamde citytrips. De traditionele maatschappijen vervoerden eveneens meer dan 40,4 miljoen reizigers in 2016, 10,7% meer dan het jaar voordien.

In de maand augustus van 2017 zijn nog nooit zoveel buitenlandse vakantiegangers naar Spanje gekomen om er hun zomervakantie door te brengen. Tegenover 2016 zien we voor deze maand een stijging van 4%, wat in totaal zorgt voor een aantal van 10 miljoen internationale toeristen in een maand tijd.

In de horeca liggen er voor de Vlaamse exporteurs goede kansen.

Vakbeurzen:
Marktstudie:

Informatie- en communicatietechnologie (ICT)

De landelijke omzet van ICT en content groeide in 2016 met 3,3%, wat goed is voor een stijging van zo’n 23 miljard euro. De sector zorgt voor een half miljoen jobs in 50 000 bedrijven en in 2016 is de tewerkstelling in de sector nog gegroeid met 3% tegenover het vorige jaar. Er werd in 2014 ook 13,8 miljard euro geïnvesteerd in de sector. Momenteel draagt de sector bij tot ongeveer 10% van het totale bbp.

ICT en content kunnen transversaal in vele sectoren van de economie worden gevonden. In Spanje zouden wij met stip volgende subsectoren kunnen aanduiden: mobiele telefonie, e-commerce en smart cities. Barcelona herbergt al vele jaren 's werelds belangrijkste vakbeurs in de sector van de mobiele telefonie, het Mobile World Congress, dat elk jaar eind februari tienduizenden bezoekers naar Barcelona brengt. Verder ook nog even vermelden dat Telefonica een wereldspeler is en dat Spanje zelfs een eigen GSM-bouwer heeft (BQ).

Sectoren waar wellicht kansen liggen voor bedrijven uit Vlaanderen zijn: smart cities, smart logistics, fintech, e-health, gaming, ontwikkelingen in 5G, 3D internet links tussen IoT en spraaktechnologie en intelligent tourism. Het land hinkt wat achterop bij het gebruik van e-commerce en oplossingen voor die sector hebben wellicht ook een kans. Voor gaming situeert Spanje zich op de vijfde plaats in Europa.

Zoals in vele andere sectoren het geval is, concentreert de activiteit zich heel sterk in en rond Madrid en Barcelona. Ook hier kan men wellicht - mits het aangaan van het juiste partnership - Spanje als springplank gebruiken voor een introductie op de Latijns-Amerikaanse markten.

De beroepsvereniging AMETIC is een sterke organisatie en geniet een hoog aanzien in Spanje op alle niveaus en is een interessante toegangspoort en bron van informatie. Ook het Observatorio Nacional de las telecomunicaciones y de la SI publiceert interessante studies.

Vakbeurzen:

Marktstudie:

Gezondheid & farma en biotechnologie

De sector van de gezondheidszorg is de voorbije 10 jaar sterk geëvolueerd. Het klassiek Spaanse model met gratis zorg via het sociale zekerheidssysteem en zuivere privégezondheidszorg kwam op de helling te staan en er werd met nieuwe modellen geëxperimenteerd. Het land heeft 800 publieke en private ziekenhuizen en talrijke laboratoria, een eigen farma-industrie en een niet onaanzienlijke biotechsector (geconcentreerd in Catalonië).

Het land heeft de voorbije decennia (vooral met publieke middelen) een netwerk van 80 wetenschappelijke parken uitgebouwd en Spanje heeft een sterke positie wereldwijd (8ste) en in de EU (5de) op het vlak van wetenschappelijke output.

Een aantal bijkomende elementen wijzen in de richting van Spanje als een interessante markt voor Vlaamse life sciencebedrijven:

  • het gezondheidstoerisme, gecombineerd met een groeiende vraag naar aangepaste ouderenzorg, kent een ongekende groei in heel Europa en in dit land in het bijzonder. Het gezondheidstoerisme genereerde in Spanje in 2015 een bedrag van € 277 miljoen. Tegen 2019 verwacht men dat dit tot 600 miljoen euro kan oplopen.
  • de medische infrastructuur van het land is verouderd en beantwoordt niet meer aan de verwachtingen van de patiënt. Dit houdt kansen in voor e-health oplossingen, maar ook voor medische apparatuur. De markt voor medical devices had een volume van 7,7 miljard euro in 2016.
Vakbeurzen:

Marktstudie:

Specifieke vraag of probleem?

Flanders Investment & Trade heeft een wereldwijd netwerk van experten dat uw bedrijf ter plaatse helpt.

Ontdek wat FIT voor u kan doen in Spanje