U bent hier

Kansrijke sectoren

De informatie op deze landenpagina werd met de grootste zorg samengesteld maar houdt nog geen rekening met de gevolgen van de coronacrisis.

Agro-industrie, bosbouw en visserij

In 2015 nam de primaire sector (landbouw en cacao, hout en visvangst) 21 % van het bnp voor zijn rekening. Hoewel dat naar Afrikaanse normen niet bijzonder hoog is, is de landbouw toch een van de sterkhouders van de Ghanese economie (onder meer tijdens de voorbije economische crisis) die een grote impact heeft op de werkzekerheid en welvaart van een groot deel van de bevolking, vooral op het platteland.

Het land kan opgedeeld worden in 3 landbouwzones: bosrijk gebied in delen van de Westelijke en Oostelijke regio's, Ashanti, Brong Ahafo en Volta, savannes in het noorden (het noorden van de Westelijke en Oostelijke regio's​ en de Noordelijke regio) en het savannegebied aan de kust (Centrum, Groot-Accra en delen van de Voltaregio).

Volgende teelten kunnen er teruggevonden worden:

  • Noordelijke savanne: heeft de grootste landbouwoppervlakte, en het merendeel van de bevoorrading van rijst, gierst, sorghum, yam, tomaten, katoen en producten van de veeteelt (runderen, schapen en geiten) komen daar vandaan. Een nieuwigheid is de kweek van parelhoen en struisvogels.
  • Savannes aan de kust: rijst, mais, cassave, groenten, suikerriet, mango's, ananas, kokosnoten en veeteelt. Waar irrigatie aanwezig is, kunnen ook zoete aardappelen en soja geteeld worden. In de zuidelijke gebieden van deze regio stroomt de Volta-rivier en kan er aan aquacultuur worden gedaan. 
  • In de bosrijke gebieden is de regenval vaak hevig wat ze geschikt maakt voor de teelt van cacao, koffie, palmolie, cashewnoten, rubber, bananen en citrusvruchten. 

De opbrengsten zijn dus sterk gediversifieerd, er bevinden zich veel onderzoeksinstellingen op het vlak van landbouw in het land. De Europese exportmarkten bevinden zich relatief dichtbij. De productie van voedingsproducten gaat er de laatste jaren sterk op vooruit Het 'West African Agricultural Productivity Programme' (WAAPP) dat mee wordt gefinancierd door de multilaterale ontwikkelingsbanken, zorgt voor betere technologie, verwerking en vermarkting. De lokale brouwerijen (Guiness Ghana Ltd. en Accra Brewery Ltd) zijn grote afnemers van cassave.

​Door de groei van de bevolking, de verstedelijking en de toename van de welvaart wordt de vraag naar vleesproducten almaar belangrijker. Omdat ook de lokale productie toeneemt, leidt dit niet meteen tot een even grote stijging van de import. De kippenkweek is traditioneel belangrijk in Ghana, maar lijdt onder de kleinschaligheid van de productie. Grotere bedrijven hebben de mogelijkheid modernere technologie te gebruiken, beroep te doen op veterinaire diensten en kippenvlees en eieren te vermarkten. Er wordt nog heel wat vlees geïmporteerd uit Europa, de VS en Brazilië. In 2013 bedroeg de import van kippenproducten niet minder dan 169 miljoen USD! De overheid zet ook in op een toevoer van visproducten van hoge kwaliteit voor het verzekeren van de voedselbevoorrading. Er is in het dagelijkse dieet van de huishoudens meer aandacht voor de inname van proteïnen dan vroeger. Vis wordt zowel aan de kust (70%) als in het binnenland (21%) gevangen, en de aquacultuur, die stevig wordt ondersteund door het ministerie van Visserij, neemt de overige 9% voor zijn rekening. In het binnenland staat het Volta-meer in voor 90% van de vangst.

Met behulp van het 'National Forest Plantations Development Program' werden recent 150.000 ha nieuw woud aangeplant. Er wordt momenteel een nieuwe strategie uitgewerkt voor de aanleg van 1 miljoen ha. nieuwe bebossing. Na mineralen, olie en cacao is hout de vierde inkomst van de Ghanese export. Slechts 11% hiervan wordt lokaal verwerkt. Hout is ook een brandstof voor voedselbereiding en er wordt ook houtskool van gemaakt. De rechten voor de houtkap worden openbaar aanbesteed volgens een vastgelegde procedure door de 'Forestry Commission of Ghana'.

De Ghanese landbouw heeft nood aan de volgende producten en technologie:

  • verbeterde zaden, meststoffen, pesticiden,
  • producten voor de veeartsenij, vaccins, veevoeder en ingrediënten daarvoor,
  • machines voor de productie van (half)afgewerkte houtproducten en pulp,
  • kweekboompjes (bv. teak),
  • plant- en oogstmachines, tractoren,
  • laboratoriummaterieel voor kwaliteitscontrole,
  • koelapparatuur,
  • broedmachines,
  • visnetten, touwen, buitenboordmotoren,
  • visvoeding,
  • onderzoeksfaciliteiten en -diensten,
  • kwaliteitsinspectie, opleiding en certificatie,
  • opslagfaciliteiten,
  • koud transport.

Voor de transformatie van de hierboven genoemde landbouwproducten tot voedingsproducten zijn er ook mogelijkheden voor:

  • uitrusting voor voedselverwerking, verpakkingsmachines,
  • technologie voor de productie van zuivelproducten,
  • koel- en verpakkingsinstallaties,
  • visverwerkingsinstallaties,
  • lokale verwerking van cacao en palmolie.

Textiel en kleding

Ghana produceert zelf katoen, en exporteert dat in zijn ruwe vorm of als weefsel. De kleding die er lokaal gemaakt wordt, is eerder artisanaal en voor de eigen markt bestemd, hoewel er ook in het buitenland een beperkte niche voor bestaat. De laatste 5 jaar gaat de export van textielproducten er gestaag op vooruit.

Tot in de jaren tachtig was de katoenteelt een belangrijke bron van inkomsten voor de bevolking in het noorden van Ghana, maar toen stortte deze sector in elkaar en bleven vele egreneerinstallaties (ontkorrelingsmachines) onbenut, zodat de textielindustrie met een bevoorradingsprobleem zat. De 'Northern Development Authority' tracht de sector nu nieuw leven in te blazen in de 'Northern Savannah Ecological Zone' (NSEZ).

​Er zijn mogelijkheden voor de afzet van duurzame weeftechnologie en accessoires.

Gezondheidssector

Zowat alle regionale hoofdsteden en de meeste districten beschikken over hospitalen, poliklinieken en gezondheidscentra. Ook een aantal religieuze organisaties beheren hospitalen in Ghana. Kruidentherapie wordt vaak toegepast en de overheid baat een hospitaal en onderzoekcentrum voor kruidentherapie uit in Akwapim-Mampong​.

Voor een land als Ghana is het uitbouwen van een 'gezondheidsindustrie' van publieke en private dienstverleners en producenten een vrij nieuw concept. Er zijn zo goed als geen lokale producten en de mogelijkheden voor kruidentherapieën en traditionele geneesmiddelen dient nog onderzocht te worden. De gezondheidssector is direct gelinkt aan de voedingsgewoontes van de bevolking en hun omgang met het milieu.

Technologie is welkom in de volgende subsectoren:

  • ontwerp en bouw van hospitalen,
  • uitrusting en basismateriaal voor hospitalen,
  • revalidatie,
  • onder controle houden van zowel besmettelijke als niet-besmettelijke ziekten,
  • materniteiten, gezondheidscentra,
  • laboratoria,
  • medicijnen en hun samenstellende elementen,
  • basisvoeding,
  • ​onderzoekscentra,
  • preventie (voorbehoedsmiddelen, muggennetten ...),
  • spoeddiensten en ambulances.

Mijnbouw

In Ghana zijn grote vindplaatsen van goud, diamant, mangaan en bauxiet. Van de 15 grote mijnbedrijven zijn er 13 die graven naar goud. Daarnaast bestaan er zo'n 300 kleine bedrijven en 90 dienstverleners aan de mijnsector. Het kleinschalige delven is voorbehouden aan Ghanese bedrijven. De laatste jaren gaat de productie van goud en diamant wel achteruit in het voordeel van de productie van mangaan en bauxiet. De daling van de internationale goudprijs had een vermindering van investeringen in de mijnsector als gevolg.

Er zijn heel wat mogelijkheden voor toelevering van engineering en andere diensten aan de mijnbouw, o.m. voor booractiviteiten, geologisch onderzoek en laboratoria. De mijnindustrie heeft ook nood aan bepaalde chemische substanties en aan machines en transportmiddelen. Voor bedrijven die zich daartoe in Ghana willen vestigen, zijn er stevige incentives. Omgekeerd zijn er bepaalde barrières voor de import van materieel uit het buitenland.

De 'Minerals and Mining (General) Regulations, 2012, (L.I. 2173)' verplicht alle bedrijven in de mijnsector, ook de leveranciers van diensten aan de mijnsector, om een vijfjaarlijks aankoopplan door te sturen naar de mijncommissie van Ghana, zodat die er zich van kan verzekeren dat er in het aankoopplan voldoende lokale inbreng is. Deze commissie stelt bovendien jaarlijks een lijst op van producten en diensten die lokaal aangekocht moeten worden. Op deze lijst staan onder meer materialen om te verbrijzelen, explosieven, cement, leisteen, elektrische kabels, HDPE- en PVC-pijpen, galvaniseren van banden, smeermiddelen, bouten en vijzen, bepaalde soorten zakken en dozen, transportbanden, metalen afspanningsdraad, werkkleding en catering ...

Op de website van de 'Ghana Chamber of Mines' vindt u ledenlijsten van bedrijven in de mijnsector (in de brede zin van het woord) met contactgegevens.

Olie- en gassector

In 2017 ontdekte een consortium van oliebedrijven waaronder 'Kosmos Energy Ghana' (Kosmos), 'Tullow Ghana Limited' (Tullow), 'Anardarko Petroleum Corporation', 'Sabre Oil and Gas Limited', 'E.O. Group' samen met de nationale oliemaatschappij 'Ghana National Petroleum Corporation' (GNPC) offshore de bassins van Tano en Cape Three Points, waar sinds 2010 olie en gas wordt bovengehaald. Om kosten te besparen worden de twee velden samengevoegd en geëxploiteerd als een eenheid onder de naam 'Jubilee Field'. Na die eerste vondst werden nog bijkomende olievelden ontdekt die de namen 'Saltpond', 'Tweneboa-Enyenra-Ntomme (TEN)' en 'Sankofa-Gye-Nyame' meekregen.

Het ministerie van Energie formuleert het beleid in de oliesector en bewaakt en evalueert de uitvoering ervan. De wetten en regelgeving worden uitgewerkt door de 'Petroleum Commission (PC)', de 'Energy Commission' en de 'National Petroleum Authority (NPA)'. De petroleumcommissie regelt de exploitatie en productie van de olie ('upstream') en dient er voor te zorgen dat de inkomsten aan de hele bevolking ten goede komen. De NPA regelt van zijn kant transport en opslag van de ruwe olie en raffinage tot benzine, brandstoffen en afgeleide chemische producten en waakt erover dat de eindverbruiker waar voor zijn geld krijgt. De energiecommissie staat ten slotte in voor het uitreiken van licenties for transport, groothandel, levering, distributie en verkoop van elektriciteit en natuurlijk gas. Het adviseert het ministerie van Energie hoe voldaan kan worden aan de vraag naar energie op basis van de natuurlijke bronnen in het land, ook op het vlak van hernieuwbare energie.

De volgende agentschappen, instellingen en staatsbedrijven spelen een rol in de olie-industrie:

  • De 'Ghana National Petroleum Corporation' (GNPC, GNPC Explorco, GNPC Tradco) werd al in 1983 opgericht met de bedoeling de invoer van ruwe olie in te perken door het zoeken naar alternatieven en uiteindelijk de exploratie en exploitatie van oliebronnen in eigen land (Exploration and Production Law, 1984, PNDC Law 84). De hiervoor genoemde wet beschrijft ook de relatie tussen de Ghanese overheid en de investeerders en commerciële exploitanten van de olievelden.
  • De 'Tema Oil Refinery' (TOR) rafineert al 50 jaar olie op het grondgebied van Ghana. Het produceert LPG, benzine, kerosine (ook vliegtuigkerosine), diesel, brandstof en gekraakte olieproducten. De raffinaderij is een van de oudste in Sub-Sahara-Afrika (1963) en vandaag de enige in Ghana. De productie bedraagt 45.000 vaten per dag en dekt daarmee ongeveer twee derden van de nationale vraag.
  • De 'Bulk Oil Storage and Transportation (BOST)' Company Limited is sinds 1993 verantwoordelijk voor de stockage en distributie van geraffineerde olieproducten doorheen het hele land. De Ghanese overheid is de enige aandeelhouder. In 2012 kende de Energiecommissie BOST bovendien de enige licentie toe voor het transport en de verdeling van aardgas in Ghana.  
  • De 'Ghana Oil Company Limited' (GOIL) is de de naam van de distributieketen die de Italiaanse ondernemingen AGIP en SNAM (gasproducten) begin jaren 1960 voor de vermarkting van geraffineerde olieproducten (brandstoffen, LPG, smeermiddelen, bitumen ...) in Ghana. Het bedrijf wil haar producten nu ook exporteren naar zijn West-Afrikaanse buurlanden.
  • De 'Ghana Gas Company Limited' (GNGC) of kortweg 'Ghana Gas' bouwt en beheert de infrastructuur die nodig is om aardgas te winnen, transporteren, verwerken en verdelen in Ghana.
  • De 'Ghana Cylinder Manufacturing Company' (GCMC) werd opgericht in 1963 om het gebruik van LPG te promoten in het land, als vervanging voor brandhout en houtskool, die nefast zijn voor het leefmilieu (ontbossing en desertificatie). Het is pas sinds 1998 dat de GCMG lokaal LPG produceert en het kreeg van de NPA een licentie om LPG te verkopen.

Specifieke vraag of probleem?

Flanders Investment & Trade heeft een wereldwijd netwerk van experten dat uw bedrijf ter plaatse helpt.

Ontdek wat FIT voor u kan doen in Ghana

Meer weten over Ghana?